Wie in 2024 in de Nederlandse softwareontwikkeling werkte, leverde gemiddeld €108.440 toegevoegde waarde op. Dat is de zesde plaats in de EU en 34,3% boven het EU-cijfer van €80.720. België scoort nog hoger: €140.060, vierde plaats. De Nederlandse productiviteit steeg tussen 2021 en 2024 met 22,1%, de personeelskosten per werknemer met 17,6%. Nederlandse softwarebedrijven werden dus sneller productiever dan duurder. De nearshore-landen lopen in op kosten: de Poolse personeelskosten per werknemer gingen van 49,7% van het Nederlandse niveau in 2021 naar 63,1% in 2024.
Deze ranglijst bouwden wij zelf uit de structurele bedrijfsstatistieken van Eurostat; elke rangorde, verhouding en verandering is door ons berekend. Hij is geschreven voor de IT-manager, IT-directeur, CIO of informatiemanager van een Nederlandse of Vlaamse organisatie met 250 tot 5.000 medewerkers die beslist waar software wordt gebouwd. Crux Digits ontwerpt en bouwt AI-systemen en de software eromheen, naast de ICT-partner van de klant. Wij zijn geen ICT-partner.
Hoe is dit onderzoek opgezet?
De bron is Eurostat-tabel sbs_ovw_act, bedrijfsstatistieken naar gedetailleerde NACE-activiteit, laatst bijgewerkt op 30 september 2026. Wij haalden de cijfers op 28 oktober 2026 op via de Eurostat-API.
- Activiteit en jaren: NACE Rev. 2 klasse 62.01, computerprogrammering: het schrijven, aanpassen, testen en ondersteunen van software, 2021 tot en met 2024. Het uitgeven van software (58.2) is in meerdere lidstaten te klein om te rangschikken, met 437 werkzame personen in Nederland, en valt daarom buiten de ranglijst.
- Indicatoren: toegevoegde waarde tegen factorkosten per werkzame persoon, personeelskosten per werknemer en per gewerkt uur, en de aantallen bedrijven, werkzame personen, omzet en toegevoegde waarde.
- Ons eigen werk: de rangorde over de 27 lidstaten, toegevoegde waarde per euro personeelskosten (de loongecorrigeerde arbeidsproductiviteit van Eurostat gedeeld door 100), kosten en productiviteit als aandeel van het Nederlandse niveau, veranderingen sinds 2021 en één lineaire extrapolatie, als zodanig benoemd.
- Aanvullende bronnen: sbs_sc_ovw voor toegevoegde waarde per persoon naar bedrijfsgrootte in afdeling 62 (bijgewerkt 30 september 2026) en isoc_eb_ain2 voor AI-gebruik in NACE 62 en 63 (bijgewerkt 15 juni 2026).
- Markeringen: alle 27 lidstaten hebben een waarde voor 2024. Oostenrijk, Spanje, Finland, Frankrijk, Portugal en Roemenië hebben een trendbreuk (b) op een deel van de waarden voor 2021; de Franse uurcijfers voor 2024 zijn schattingen (e).
Hoe groot is de Europese softwareontwikkeling en hoe snel groeit zij?
Zij groeide in drie jaar met ruim een zesde: in 2024 werkten 2.116.502 mensen in de Europese computerprogrammering, 16,9% meer dan de 1.809.998 van 2021.
De netto-omzet steeg van €278,1 miljard naar €370,3 miljard (+33,2%), de toegevoegde waarde van €132,3 miljard naar €170,9 miljard (+29,1%). Het aantal bedrijven ging van 410.901 naar 534.709, de meeste zeer klein: gemiddeld 4,0 werkzame personen per bedrijf in de EU.
Duitsland is de grootste markt met 472.300 werkzame personen, 22,3% van het EU-totaal, gevolgd door Polen met 264.539 (12,5%). Nederland telt 148.142 werkzame personen in 46.621 bedrijven en €16,1 miljard toegevoegde waarde, 33,6% meer dan in 2021. België telt 36.979 werkzame personen en €5,2 miljard toegevoegde waarde, een stijging van 46,1%.
Welke EU-landen halen de meeste toegevoegde waarde per softwaremedewerker?
Malta, Ierland en Zweden staan bovenaan; België is vierde met €140.060 per werkzame persoon en Nederland zesde met €108.440 (2024).
Toegevoegde waarde per werkzame persoon in NACE 62.01, 2024, in duizend euro: 1. Malta 248,6 · 2. Ierland 236,0 · 3. Zweden 144,1 · 4. België 140,1 · 5. Cyprus 118,6 · 6. Nederland 108,4 · 7. Luxemburg 107,2 · 8. Duitsland 94,7 · 9. Denemarken 92,8 · 10. Oostenrijk 86,6 · 11. Finland 83,9 · 12. Spanje 79,6 · 13. Italië 78,4 · 14. Estland 70,5 · 15. Frankrijk 67,8 · 16. Slovenië 67,5 · 17. Tsjechië 64,3 · 18. Bulgarije 59,7 · 19. Portugal 57,4 · 20. Litouwen 54,6 · 21. Roemenië 54,1 · 22. Letland 54,1 · 23. Griekenland 48,4 · 24. Slowakije 47,5 · 25. Kroatië 47,5 · 26. Hongarije 46,5 · 27. Polen 38,0. EU27: 80,7.
In kleine economieën met grote internationale concerns kan de toegevoegde waarde laten zien waar winst wordt geboekt, dus lees Malta, Ierland en Cyprus met voorzichtigheid. Onder de overige 24 vormen Zweden, België en Nederland de top drie.
Ten opzichte van Duitsland leverde een werkzame persoon in de Nederlandse softwareontwikkeling in 2024 14,5% meer toegevoegde waarde op, terwijl de personeelskosten per Nederlandse werknemer 3,1% lager lagen. De Duitse productiviteit bewoog tussen 2021 en 2024 nauwelijks (+0,6%).
Bedrijfsgrootte telt het zwaarst in de nearshore-landen. In afdeling 62 haalden Poolse bedrijven met 250 of meer werkzame personen €61.360 per persoon, tegen €21.340 bij bedrijven met minder dan tien. Grote Nederlandse bedrijven haalden €126.380, Belgische €146.180 en Duitse €113.780.
Welke landen halen de meeste toegevoegde waarde per euro personeelskosten?
Na Malta, Ierland en Cyprus staan Zweden (1,47) en België (1,41) bovenaan; Nederland is tiende met 1,28 en Polen laatste met 0,71 (2024).

Deze ranglijst verklaart de keuze tussen onshore en nearshore. Hij deelt de toegevoegde waarde per werkzame persoon door de personeelskosten per werknemer.
Toegevoegde waarde per euro personeelskosten, NACE 62.01, 2024: 1. Malta 4,77 · 2. Ierland 2,27 · 3. Cyprus 2,13 · 4. Zweden 1,47 · 5. België 1,41 · 6. Italië 1,38 · 7. Spanje 1,33 · 8. Roemenië 1,33 · 9. Kroatië 1,29 · 10. Nederland 1,28 · 11. Bulgarije 1,27 · 12. Letland 1,26 · 13. Slovenië 1,23 · 14. Estland 1,20 · 15. Luxemburg 1,16 · 16. Hongarije 1,16 · 17. Tsjechië 1,12 · 18. Portugal 1,12 · 19. Griekenland 1,12 · 20. Litouwen 1,09 · 21. Duitsland 1,08 · 22. Slowakije 1,08 · 23. Finland 1,03 · 24. Oostenrijk 1,01 · 25. Denemarken 0,99 · 26. Frankrijk 0,85 · 27. Polen 0,71. EU27: 1,15.
Op kosten alleen ziet de volgorde er anders uit. De personeelskosten per werknemer waren het hoogst in Ierland (€103.860), België (€99.150) en Zweden (€97.720) en het laagst in Kroatië (€36.690), Hongarije (€40.040) en Roemenië (€40.810). Duitsland is zesde met €87.610, Nederland achtste met €84.900; Polen zit op €53.550, Portugal op €51.350, de EU op €70.060. Per gewerkt uur van werknemers was dat €53,49 in Nederland, €31,20 in Polen en €21,93 in Roemenië.
De verrassing is Roemenië. De lagere personeelskosten worden vrijwel precies gecompenseerd door een lagere toegevoegde waarde per hoofd. Per euro toegevoegde waarde kost Roemeens personeel 0,96 keer het Nederlandse niveau per werkzame persoon en 1,02 keer per voltijds werknemer. België komt uit op 0,90 en Duitsland op 1,18. De vuistregel voor elk paar landen: deel de kostenverhouding door de productiviteitsverhouding. Onder 1 liggen de loonkosten per eenheid output in het andere land lager; boven 1 hoger, wat het uurverschil ook zegt.
Wordt het kostenverschil met nearshore-landen kleiner?

Ja, het snelst bij Polen: de Poolse personeelskosten per werknemer stegen van 2021 tot 2024 met 49,3%, van 49,7% naar 63,1% van het Nederlandse niveau.

In dezelfde jaren stegen de kosten per werknemer met 17,6% in Nederland, 18,3% in België, 13,1% in Duitsland en 13,9% in de EU, en met 33,1% in Portugal en 30,7% in Roemenië (beide vanaf een waarde voor 2021 met trendbreuk). Op jaarbasis is dat 14,3% in Polen tegen 5,5% in Nederland. De Poolse personeelskosten per uur gingen van €20,86 naar €31,20.
De productiviteit is bemoedigender voor twee van de drie. De Poolse toegevoegde waarde per persoon bleef rond 35% van het Nederlandse niveau. Roemenië ging van 44,5% naar 49,9%, Portugal van 48,8% naar 52,9%. Tussen 2022 en 2024, zonder trendbreuken, steeg de Portugese productiviteit met 26,2% tegen 14,0% kostenstijging en de Roemeense met 22,1% tegen 19,6%. Beide landen worden dus sneller productiever dan duurder.
Ook de samenstelling van de Poolse sector verandert: het aandeel werkzame personen dat geen werknemer is, steeg van 42,6% naar 51,8%, het hoogste van de EU. In Nederland is het 11,3%.
Een benoemde extrapolatie, geen voorspelling: als de Poolse kosten per werknemer in het tempo van 2022 tot 2024 (4,96 procentpunt per jaar) blijven oplopen, bereiken zij in 2027 78,0% van het Nederlandse niveau. Dezelfde rekensom geeft 51,9% voor Roemenië en 61,0% voor Portugal.
Halen softwaresectoren die meer AI gebruiken ook meer toegevoegde waarde?
Gemiddeld wel: over de 24 lidstaten met gepubliceerde waarden is de rangcorrelatie tussen AI-gebruik bij software- en IT-dienstenbedrijven in 2025 en toegevoegde waarde per persoon in 2024 0,56.
Het AI-gebruik bij bedrijven met tien of meer werkzame personen in NACE 62 en 63 steeg in de EU van 28,2% in 2021 naar 65,7% in 2025. Het aandeel dat AI gebruikt om tekst, spraak of programmacode te genereren ging van 6,7% naar 45,5%. Nederland ging van 34,3% naar 71,5%, negende van 24, met tekst- en codegeneratie van 10,0% naar 52,7%. Duitsland is vierde met 78,2%, Polen 23e met 42,0% en Roemenië 24e met 34,2%. Voor België, Finland en Frankrijk is geen waarde voor 2025 gepubliceerd (markering u).
Zonder Malta, Ierland, Cyprus en Luxemburg stijgt de correlatie naar 0,72 over 20 landen. Correlatie bewijst niet dat AI de productiviteit verhoogt; productieve bedrijven kunnen AI ook eerder invoeren. Voor een inkoper wijzen beide lezingen dezelfde kant op: de sectoren die per hoofd het meest opleveren, nemen AI het snelst in gebruik. Ons onderzoek naar AI-adoptie in Nederland behandelt de bredere economie.
Wat betekent dit voor een IT-manager of CIO die kiest tussen onshore en nearshore?
Vergelijk kosten per eenheid output, niet per uur: het uurverschil in personeelskosten tussen Polen en Nederland is 41,7%, per euro toegevoegde waarde verdwijnt het.
Per euro toegevoegde waarde liggen de Poolse personeelskosten in het gunstigste geval gelijk aan het Nederlandse cijfer (0,98 per voltijds werknemer) en in het ongunstigste geval op 1,80 keer (per werkzame persoon). De werkelijkheid ligt daartussen, omdat zoveel Poolse ontwikkelaars zelfstandig werken. Vier praktische lezingen:
- Toets met de vuistregel. Roemenië, Portugal en België komen per eenheid output dicht bij Nederland of beter uit. Duitsland niet, en Polen alleen op de gunstigste grondslag.
- Prijs het derde jaar, niet het eerste. Een nearshore-prijs van vandaag rust op een kostenbasis die in Polen 14,3% per jaar steeg, tegen 5,5% in Nederland. Neem indexering op in het contract.
- Vergelijk met de juiste grootteklasse. Grote Poolse bedrijven halen bijna drie keer de toegevoegde waarde per persoon van microbedrijven; voor een organisatie van 250 tot 5.000 fte is het cijfer van de grote bedrijven het relevante.
- Vraag hoe de leverancier AI inzet in de levering. Nederlandse softwarebedrijven liggen 29,5 procentpunt voor op Poolse in AI-gebruik, en een leverancier die code met AI genereert en test, verschuift de productiviteitskant van de verhouding in uw voordeel.
Onze lezing, niet die van Eurostat: koppelingen met AFAS, Exact of SAP, het wijzigingsproces en de audittrail blijven dicht bij de organisatie, en daar verdient een productiviteitsvoorsprong onshore zich terug. Voor Vlaamse lezers is het beeld nog gunstiger: Belgische softwarebedrijven halen 29,2% meer per persoon dan Nederlandse bij 16,8% hogere kosten per werknemer, waardoor België per eenheid output 10% minder kost dan Nederland.
Wat zijn de grenzen van deze data?
- Toegevoegde waarde per persoon is geen prijs en geen dagtarief. Zij bevat het bedrijfsoverschot, en wat een klant betaalt, omvat ook marge, reistijd en management.
- Personeelskosten gaan alleen over werknemers, terwijl iedereen die werkzaam is toegevoegde waarde voortbrengt. In Polen is 51,8% van de werkzame personen geen werknemer; daarom tonen wij de grondslag per voltijds werknemer naast die per werkzame persoon.
- De indeling verschilt per land. Frankrijk plaatst 104.034 personen in klasse 62.01, van de 560.858 in afdeling 62.
- Waarden voor 2021 van zes landen hebben een trendbreuk. De extrapolatie gebruikt alleen 2022 tot 2024: aandeel 2027 = aandeel 2024 + 3 × (aandeel 2024 − aandeel 2022) / 2. Het is rekenwerk op drie gepubliceerde punten, geen voorspelling en geen Eurostat-cijfer.
- De AI-cijfers komen uit een enquête onder bedrijven met tien of meer werkzame personen in NACE 62 en 63, een bredere groep dan klasse 62.01, en tellen gebruik als ja of nee.
In het kort
- Nederland staat zesde van 27 in toegevoegde waarde per werkzame persoon in softwareontwikkeling, €108.440 in 2024 en 34,3% boven het EU-cijfer, en de productiviteit steeg sinds 2021 sneller dan de personeelskosten (22,1% tegen 17,6%).
- België haalt €140.060 toegevoegde waarde per persoon in software, vierde in de EU, en kost per eenheid output 10% minder dan Nederland.
- Nederlandse softwaremedewerkers leveren per hoofd 14,5% meer toegevoegde waarde dan Duitse, bij 3,1% lagere personeelskosten per werknemer.
- De Poolse personeelskosten per werknemer in software stegen tussen 2021 en 2024 van 49,7% naar 63,1% van het Nederlandse niveau; per euro toegevoegde waarde is Polen in het gunstigste geval gelijk aan Nederland.
- Het AI-gebruik bij Europese software- en IT-dienstenbedrijven steeg tussen 2021 en 2025 van 28,2% naar 65,7%, en landen die meer AI gebruiken, halen gemiddeld meer toegevoegde waarde per persoon.
Crux Digits ontwerpt en bouwt AI-systemen en de software eromheen voor organisaties in Nederland en Vlaanderen, naast de ICT-partner of de interne IT-afdeling van de klant, en draagt code over die eigendom is van de klant. De cijfers laten zien dat ontwikkeling in eigen land concurrerender is dan een vergelijking per uur doet vermoeden. Hoe wij dat werk aanpakken, leest u bij maatwerksoftware.
Laatst bijgewerkt: 28 oktober 2026.
Software rond uw proces en uw data, met AI waar het de uitkomst verandert. Elke week iets dat werkt, en de code is van u.
Maatwerksoftware in Nederland →


